woensdag 17 december 2025

ONGESCHREVEN REGELS

De eerste twintig jaar van ons leven sliepen we in één kamer. We deelden onze geheimpjes, vertrouwden elkaar toe waar we blij voor waren, of bang.

 

Ongeschreven regels, geen wetten.

jij gemeen       ik vals,             jij twijfel           ik onzeker

jij hooghartig   ik arrogant,     jij boos             ik kwaad

jij huilbui          ik verdriet,      jij schaterend   ik gierend

jij hartzeer       ik hartenpijn,  jij plezier           ik ook

maar nooit tegen, van, op, om of over elkaar

 

onze mannen; onze kinderen; onze honden; 

onze huizen; onze steden; onze vakanties; onze verhuizingen naar andere landen; onze duizenden telefoontjes en onze bezoeken over en weer; onze samenzweringen en nog steeds, onze geheimen.

Zeventig jaar samen, dat kan alleen tussen zussen. 

We gaven elkaar        onze ongezouten mening;

onze ongekleurde waarheid;

onze nuchtere werkelijkheid.

 

Jij hoeft dit niet meer lezen. Jouw leven is voorbij. Anders had ik het nooit geschreven. Je weet dat ik schrijf, je weet ook wat ik schrijf. Ik maak verhalen zoals jij je beelden maakte. Allebei creëerden we. Allebei laten we een afdruk van ons leven na hier beneden. Ik weet niet hoe lang ik hier nog ben. Wel dat ik nog niet klaar ben. Ik moet nog vertellen, nog altijd verhalen, maar er komt lijn in. De jaren gaan razendsnel. Ook als je niks doet. 

 

De vriendschap die ons verbond, bleef onuitgesproken. Ongeschreven ook. We hielpen elkaar, gewoon altijd, zonder kritiek of commentaar. Stilzwijgend waren we er voor elkaar, vanaf onze vroegste jeugd. Hoe kostbaar onze band was valt me nu pas op en het valt me zwaar dat je er niet meer bent. 

Postuum, nogmaals bedankt, zonder jou zou deze wereld veel killer zijn geweest.




 

donderdag 2 oktober 2025

DIERENDAG


Neen, Werelddierendag is voor onze hond bepaald geen feestdag. 

Het is de dag dat ze wordt afgesnauwd en ook worden haar die dag alle disciplinaire reglementen weer eens toegeroepen: “ga van de bank af, blijf van mijn schoenen, graaf niet in de tuin en kom hier als ik je roep”. 


Een paar jaar daarvoor hebben we haar “opgevist “ uit het plaatselijk asiel, waar ze binnenkwam als een zwerfhond, schuw en broodmager. Na door ons te zijn opgenomen is ze veranderd, ze is lief en erg vrij vinden we. 


Ze is verwend en soms verwenst en vaak denk ik: Hoe is het mogelijk om slecht voor een dier te zorgen. 

We betalen haar eten, en haar dokter, we betalen voor haar belasting en rekenen alles af wat ze nodig heeft. Daarbij lopen wij keurig met een schepje en een zakje achter haar kont aan omdat de autoriteiten dat van ons eisen. 

Ons huis zal nooit groot genoeg zijn om alle dieren zo’n bestaan te geven als we ze gunnen. Wanneer zij slechts een dag konden krijgen uit het leven van ons huisdier dan zag de dierenwereld er al vriendelijker uit. 

Ik denk aan honger en verwaarlozing, zelfs aan mishandeling. “Hoe is het mogelijk” zeg ik hardop als ik in de krant lees dat, dicht bij mijn huis een kudde schapen van duizend stuks moest worden afgemaakt vanwege verregaande verwaarlozing. 

Neen, ons verwende nest op de bank krijgt op Werelddierendag geen extra botje, maar in gedachten omhels ik dan alle gekwelde dieren en gun ze een dag bij mij op de bank, kopjes op mijn schoot en een warme aai over al die kommervolle kopjes.

donderdag 11 september 2025

NATTE WAS

 


Twee dagen voor onze vakantie naar Bretagne waar we twee weken zullen verblijven, verschoonde ik de bedden zoals gewoonlijk en hing die buiten te drogen. Ook het restant van de bonte was ging nog even in de machine, waarbij die ene lange broek en shirt bij waren die mee moesten en van Jelmer nog een korte broek en shirt. 

Het zou rond zes uur gaan regenen voorspelde de méteo. Nou maak ik me daar niet druk om want ze voorspelden de hele zomer door zeker twee keer per week regen, maar wij hebben in zeven weken geen drup regen gehad, alleen hitte. Onuitstaanbare hitte, zodat we blij zijn dat deze zomer voorbij is en de temperaturen normaal voor deze tijd. Net over de twintig graden en bewolkt, waaruit geen regen valt. 


Pas om zes uur vertelt de méteo. Ja, ja, het zal wel weer. De was hing om drie uur aan de draad. Een ruim uur schatte ik, dan kon het meeste alweer naar binnen. Een tweede partij, de bonte was, hing ik tegen vieren op en toen voelde de eerste partij was al ver droog. Uurtje nog dus en ik ging verder met de poets boven. 


Even later wist ik even niet wat ik hoorde en keek ontsteld uit het raam boven. Het gòòt eruit. Geen gewone regen, geen zich boven ons huis splitsende bui, zodat we weer niks kregen, maar de volle laag dit keer. Ik haalde zo vlug ik kon een bloesje, vestje, lange broek, shirt naar binnen en liet veel op het natte gras vallen, maar hing het toch op in het stookhok waar, op dit moment, niet gestookt wordt. Andere was die ik wilde redden was een onderlaken dat weer op mijn bed kon misschien. Toen ik dat binnenhaalde hing het op het aanrecht en op de grond te druppelen. Zo nat, zo hard regende het. Ik was zelf ook behoorlijk nat geworden, zodat ik mijn bloesje maar even omruilde tegen een droog shirt uit mijn kast. 


Ik liet de rest maar gewoon aan de droogmolen hangen, want natter kon het niet meer worden, en droog kon ik het ook niet meer krijgen. De spullen die ik morgen wilde inpakken om mee te nemen kon ik wel vergeten. Zonder droger, zonder verwarming duurt dit drogen nog zeker twee à drie dagen. Ik zat maar stilletjes voor me uit te schelden en te mopperen, want dit overkomt iedere sukkel wel eens. Het is voor mij ook niet de eerste keer. Wel de laatste keer dat ik die méteo vertrouw. Waaraan die hun salaris verdienen is mij niet duidelijk, maar een voorspeller op de kermis heeft vaker gelijk. 

Ik breng maar weer eens “honderd zakken gort voor Dongen; jeu paard”, dat helpt wel degelijk. 

De regenbui duurde tot zes uur, zouden ze dat bedoeld hebben?










zaterdag 17 mei 2025

Feestje vanmiddag

Trouwens ik maak er gewoon een feestje van en open een fles rosé die ik - niet gekoeld hoor ik Jos in gedachten zeggen - ruim in een glas voor me inschenk en omdat bij een feestje chips horen pak ik daar ook nog een schaaltje van. Het is klokslag zes uur als ik er lekker buiten bij ga zitten op hetzelfde stoeltje waar ik aan het tafeltje een paar uur garnalen heb zitten schoonmaken. Die liggen nu in de vriezer, de kip ook. Canella is vast bang dat ik haar ook invries of klein maak of wat dan ook, want ze is banger van mij dan ooit. En daar komt mijn frustratie van dit moment om de hoek kijken.


Vanmiddag even na twee uur, zat ik op de bank om wat te rusten nadat ik terug was van de boodschappen, toen een grote vlieg voortdurend langs me heen scheerde met dat typische hoge jankgeluid. Na bijna een half uur, sla ik in de wilde weg naar die vlieg, met de handdoek waarop Canella op de bank mag liggen, en verderop in de kamer achter de bank hoorde ik mijn hondje krassend met zijn nageltjes over de houten vloer opstaan en weglopen. Ik dacht dat ze al buiten was. “Schijtbeest” zei ik binnensmonds, want hiermee was mijn rustig half uurtje wel voorbij. Het was half drie en ik ging op het terras de kip schoon te maken en daarna de garnalen. 


Om half drie liep onze hond naar het benedenterras en tegen vier uur liep ik daarheen en ik riep haar steeds met haar lievelingswoordjes. Ze volgde me terug naar boven en toen gaf ik haar daar een schoongemaakte garnaal die ze dankbaar oppeuzelde, waarna ze weer naar beneden sloop. Ik wenste ze ter plekke een bui regen, maar de zon scheen en het was meer dan twintig graden. 


Rond zes uur, toen de boel gereed was en alles schoongemaakt liep ik nogmaals naar beneden en vroeg of ze mee naar boven kwam. Ze bleef liggen maar ze kwispelde. Toen ik de vraag herhaalde kwispelde ze niet meer, dus ik draaide me om en liep terug naar boven, waar ik nogmaals omkeek. Ze was me niet gevolgd!


Toen bouwde ik mijn feestje, want hondje, als je hier na negen jaar nog steeds bang bent voor mij, dan geef ik het gewoon op en doe ik geen moeite meer voor je. Jos komt zo thuis van zijn bridge, en als hij durft te vragen, waarom de afwas niet gedaan is, kijk, die mag dan bang worden voor mij. Ik nam nog een vol glas rosé. Toen Jos een uurtje later thuiskwam hebben we samen de fles maar leeggedronken. Hij had die middag niet gewonnen en ik was ook iets verloren.





vrijdag 16 mei 2025

Bokken schieten

Ik heb maar weer eens een bok geschoten; bij de geiten nog wel. 

De geitenkaas welteverstaan. 


We waren naar de markt een paar dorpen verderop om vis te halen. 

Jos reed met me mee en onze buurvrouw was met eigen auto en haar twee hondjes meegereden zodat ze na de boodschappen even verderop wat kon lopen met haar hondjes. 


Nadat ik de vis had gekocht liepen Jos en ik even naar wat andere kramen, waar niet veel bijzonders stond. Amper vijf kramen, waaronder dus de vis en vanuit mijn ooghoek zag ik een kraam met kaas, waarop een grote reclamefoto stond met geiten. 


Ik liep er toch even heen omdat ik wel wat geitenkaas wilde hebben. Maar dat zag ik zo gauw niet staan op die kraam. Er stond van alles. Kleine bakjes, pakjes, potjes en dan die rolletjes geitenkaas die ik wel ken. Ik vroeg die mevrouw of ze ook geitenkaas had, denkend aan een stuk kaas waar ze een stuk van een paar honderd gram van af konden afsnijden. 


De mevrouw keek me raar aan en plotseling wees ze met twee duimen naar achteren, naar de geiten op de grote foto. "Staan daar koeien op? Ik heb alleen maar geitenkaas hier", wijzend naar de etalage potjes, bakjes, pakjes en rolletjes. "Doet u mij maar zo'n rolletje", zei ik verbaasd dat er geen andere geitenkaas voorhanden is dan diezelfde die ik al jaren koop: "Deze büche?" vroeg ze ook nog? 


Wat mij bezielde die dag dat weet ik niet. Ik was ervan overtuigd dat het een gewone kaaskraam was geweest, waar ze ook geitenkaas verkochten. Raar marktje daar, klein ook, Maar vijf stalletjes waar ze ook nog onzin uitkraamden.









donderdag 20 maart 2025

DEBUTANT

Als ik dan mijn eigen teksten in gedrukte vorm nogmaals doorlees, dan vind ik het maar zozo. Een ander schrijft mooier, vloeiender, en vast interessanter. De titel op de cover staat te hoog in verhouding tot het boek. Honderdzestig pagina’s is maar één centimeter dik. Ik dacht dat het wel een dikkere pil zou zijn. Een verwijzing naar mijn debuut durf ik niet eens op Facebook te zetten, bang dat iemand het leest en afkraakt. 

Het zijn geen romans. Ik moet zoeken wat het dan wel is. Een essay, dat is toch wetenschappelijk verantwoord met een eigen interpretatie? Volgens mij mag dat maar 60 pagina’s zijn – nog geen halve centimeter -, maar het essay dat ik schreef heeft er ruim honderd, dus daar klopt geen bal van. 

"Een essay is een beschouwende prozatekst of een artikel over een wetenschappelijk, cultureel of filosofisch onderwerp, waarin de schrijver zijn persoonlijke visie geeft op hedendaagse verschijnselen, problemen of ontwikkelingen", lees ik op internet. Is het een guilty pleasure, als het over mijn lepeltjesverzameling gaat? 

Daar durf ik eveneens geen ruchtbaarheid aan te geven. Dat heet schrijfschaamte toch? “Een schuldig genoegen is iets, zoals een film, een televisieprogramma of een muziekstuk; dat men geniet ondanks het feit dat men het verhaal niet hoog acht, of als ongewoon of vreemd wordt beschouwd”, lees ik verder.


Mijn verhaal scoort vast niet hoog, maar ik heb er wel plezier aan beleefd en ik heb er nog steeds lol in. Neen, ik denk niet dat Maarten van Rossum gelijk had toen hij eens bij DWDD vertelde dat al die duizenden huisvrouwen die schrijven, hun "troep" maar beter kunnen weggeooien. Zo ver hoeft het niet te komen, Maarten; de uitgever doet dit voorwerk al. Ze reageerden meestal niet als ik “iets” instuurde waar ik al gauw drie jaar aan heb gewerkt. Veel uitgevers nemen zelfs geen manuscripten meer aan. 

Als ik aan een uitgever zou voorstellen dat ik een boek schreef over mijn verzameling toeristenlepels, dan snapt iedereen wel dat die deur dicht blijft. Hoe dan wel? 

De uitgevers geven me niet uit, ze laten me niet eens binnen. Wie er binnenkomt is bekend, al dan niet door de partner en/of al snoeiberoemd in binnen- of buitenland. Beroemd door het beroep als, politicus, sporter, of als schrijver met veel plattaal. Een  beroemd buitenlandse schrijver die al “binnen” is om al dan niet vertaald te worden uitgegeven. Business is business.


Maar wat is er mooier om je dagboek, je niet roman, je half fictie en half non-fictie, je soort van essay, je verzameling mooie zinnen en oude woorden aaneen te rijgen tot iets met een inhoudsopgave, iets wat je zelf als een fotoboek doorbladert zodat je later, als de herinneringen jou in de steek laten, opnieuw kunt lezen, het wanneer en het waar. Zoals in de film “The Notebook” precies zo gebeurde. Hij leest zijn demente vrouw voor uit haar eigen werk. Een prachtig verhaal dat verfilmd werd en als boek van de Amerikaanse schrijver Nicholas Sparks uitkwam in 1994 en meteen een bestseller werd, nadat veel uitgevers het weigerden. 


Ik weet niet hoe lang ik moet wachten om de titel “oudste schrijversdebutant van Nederland” te krijgen. Ik noem bewust niet debutant van Nederlandstalige boeken, want dat haal ik nooit meer in.

Die titel is voor Brigitta Simoens uit Gent. Zij debuteerde in 2019 met haar biografie “Eb & Vloed”. Ze is dan negentig jaar. Als je negentig bent dan heb je inderdaad veel te vertellen. De schrijfster is in februari 1923 overleden. Het boek is jammer genoeg niet meer te verkrijgen bij Standaardboekhandel.be, want volgens mij heeft ze een boeiend leven gehad. Haar herinneringen zullen blijven, nog generaties lang. 

zaterdag 15 maart 2025

BOMEN IN BRABANT



Woeste gronden, zandgronden, droog en onvruchtbaar. Enkele termen over Brabant wanneer je naslagwerken napluist van de Heemkundekring in Brabant.

Bossen, heide, rivieren en vennen met zowel loof- als naaldbomen. Vroeger een enorm jachtgebied, maar ook nu is er nog veel wild waar volgens regels op gejaagd mag worden. Hertogdom Brabant. Het vroegere bosrijke jachtgebied van de hertog is tegenwoordig de hoofdstad van het noordelijk deel van Brabant, ’s-Hertogenbosch. De vorige hertog en hertogin van Brabant, prins Philip en prinses Mathilde voelen zich ongetwijfeld met dit mooie gebied verbonden. De bossen bleven, en ondanks de staatsgrens midden in het hertogdom werd de hertog opgevolgd door zijn dochter hertogin Elisabeth.


In 2006 is het 900-jarig bestaan gevierd van heel Brabant. Een van de projecten was het aanplanten van maar liefst 900 bomen in het hele hertogdom, verdeeld over 251 gemeenten in de provincies Noord-Brabant, Antwerpen, Vlaams-Brabant, Waals-Brabant en het Hoofdstedelijk Gewest Brussel. De 900ste boom werd door hertog Philip en hertogin Mathilde aangeplant in Brussel. Voor dit grootse project kwam de zilverlinde in aanmerking, de Tilia tomentosa ‘Brabant’.

De lindeboom wordt zeer oud, 800 jaar is geen uitzondering. De Tilia tomentosa ‘Brabant’ met de fris groene bladeren in het voorjaar, de zilveren bladeren in de zomer, naar goud verkleurend in de herfst heeft een statig silhouet in de winter. Buiten het feit dat de Tilia in alle jaargetijden prachtig is als park- of laanboom, is deze van oudsher verbonden aan Brabant en zijn volk. 


De grootste Hollandse linde is te vinden in België in het kerkdorp Doyon in Havelange. De dikste zomerlinde, le tilleuil de Conjoux, nabij Ciney heeft een stamomtrek van 8,5 meter! Over het algemeen worden bomen in België ouder en dikker dan in Nederland.

De linde kan zeer veel last hebben van bladluis (Eucallipterus tiliae). Deze luis scheidt honingdauw af, een suikerhoudend vocht, waarop rupsen van de lindebladwesp (Caliroa annulipes) het blad wegvreten. Ook kan de Tilia bij langdurige droogte aangetast worden door spint (Eotetranychus tiliarum). De zilverlinde heeft weinig last van ziekten of luizen.


De Brabantse bomen gaan de hele wereld over.

De Tilia wordt in Brabant op grote schaal gekweekt en geëxporteerd. Een concentratie van vaak eeuwenoude boomkwekerijen vindt men in het noorden van Brabant tussen Tilburg en ’s-Hertogenbosch. Haaren, wordt daarom wel “de tuin van Brabant genoemd”. Zundert, een grensgemeente in het noordwestelijk deel van het hertogdom, bestaat uit vrijwel uitsluitend kwekerijen met bomenteelt. Diverse gemeenten maken zich sterk voor samenwerking op agrologistiek gebied zodat de concentratiegebieden van bomenteelt als ‘Brabant Greenport’ landelijk op de kaart kan worden gezet.

Fossiele resten van de Ginkgo Biloba vertellen de wetenschap dat deze boom met zijn fris groen waaierachtig blad geen streep veranderd is in tienduizenden jaren. In Brabant wordt deze oerboom nog steeds op grote schaal gekweekt.


In Europa zijn in bruinkoollagen ook fossiele resten gevonden van de Sequoia of mammoetboom, lid van de cypressenfamilie. Van nature komen ze voor langs de kust in Californië. De hoogste en grootste Sequoia ter wereld meet 115 meter hoog met een bodemomtrek van 40 meter. Tevens is deze mammoet de oudste boom ter wereld en werd hij na jaarringenonderzoek geschat op 3200 jaar. Hij deed er 1000 jaar over om volwassen te worden. In de tweede helft van de vorige eeuw werd de Sequoia in Europa als sierboom ingevoerd en aangeplant. In het Waalse Esneux staat de dikste sequoia die op 1,5 meter hoogte reeds een stamomtrek heeft van bijna negen meter. In het Sequoia National Park in Californië staat de General Sherman Tree met een hoogte van 83 meter en een omtrek van 26 meter.


De bloesem van de lindeboom is overbekend. De zacht geurende bloemen worden gebruikt voor kalmerende theeaftreksels, alsook voor shampoo- en badschuim-extracten. De bijen leveren heerlijke honing van de lindebloesem, maar ze worden er ook dronken van. Het zachte hout van de lindeboom is door de fijne nerf uitermate geschikt voor beeldhouwwerk en houtsnijwerk.

Bomen zijn de grootste en langstlevende bewoners van onze aarde. Staatsbosbeheer heeft ter gelegenheid van de geboorte van prinses Amalia in 260 gemeenten in Nederland een ‘koningslinde’ aangeboden.


Het landschap

Wat is er mooier dan door een Brabants dorp te fietsen en een boerderij te zien, beschermd en half verscholen door prachtige leilinden.

Zeker diep in de winter, wanneer de prachtige contouren van volwassen bomen structuur aan de omgeving geven herkennen we onmiddellijk de linde. In Engeland wordt de Hollandse linde tot de grootste loofbomen gerekend en wordt daar soms 46 meter hoog. De (Hongaarse) zilverlinde met zijn brede koepelkroon groeit tot 30 meter uit. Zijn Chinese neef, de Tilia oliveri heeft een 25 meter hoge koepel. De Tilia petiolaris tenslotte wordt 32 meter hoog en heeft in tegenstelling tot de andere linden een smalle kroon. Allemaal hebben ze sierlijke, kronkelige takken. Allemaal worden ze in Brabant gekweekt.


De heilige eik die met een groot gat in zijn vijfhonderdjarige stam nog steeds bladeren en eikels produceert. De majesteitelijke beuk met zijn satijnen stam, maar vooral de zilveren linde heeft een hertogelijk tintje. Wij Brabanders houden van onze koning; ieder de zijne, maar dat wij samen één hertogin hebben betekent een saamhorigheid. Nederlander of Belg, het maakt hier niet uit. We zijn Brabander en onze twintigjarige Hertogin is kroonprinses Elisabeth. Daar zijn we trots op.

maandag 3 maart 2025

PERSONEEL




Ooit een vast contract gekregen door op het stadhuis een ring aan mijn vinger te schuiven betekent niet dat mijn man ook iets van tuinieren weet of er iets mee te maken wil hebben. Tegen wil en dank is hij lid geworden van onze tuinvereniging, omdat ik de afstand te ver vind om daar alleen in donker heen te rijden. Om diezelfde redenen zijn er meer echtgenoten op de clubavond te vinden, waar zij zich in een groepje opstellen achter in het zaaltje. Zij houden zich afzijdig bij de uitleg over snoeien, bloemschikken of andere uiterst leerzame lezingen, maar fluisteren over voetbal of klagen over hun opdrachtgevers. Deze mannen, ons tuinpersoneel voor het zwaardere werk, beschouwen de maandelijkse clubavond als hun personeelsuitje en letten in het geheel niet op. 

Thuis zitten wij met dit onwillige personeel opgescheept. Mijn personeel hoorde iets over snoeien, zodat mijn appelboompje nu alleen nog maar een stammetje is met één armpje en wat gekrulde blaadjes. De aangeplante buxusrij is helaas, maar wel per ongeluk weggemaaid met de nieuwe bosmaaier die wel erg scherp bleek te zijn. Mopperen wij, actieve tuinierders over de slechte inzet van ons personeel dan is er wel wat tegengas. Eén van de onwillige personeelsleden vond dat wij teveel tuintijd overhadden, want als hij staat te maaien, staat zij hem aanwijzingen te geven in plaats van mee te helpen. Unaniem waren alle mannen het daarmee eens, waarop wij onze schouders ophaalden voor we ze weer onder de vele tuinklussen zetten. We zaaien, planten, stekken en plannen zowat het hele jaar door. We spitten zelf een stuk gras om voor een nieuwe border wanneer ons personeel weg is, zodat we geen kritiek krijgen over nog meer tuinonderhoud, wat we doorgaans zelf plegen te doen. 

Maar in de winkel doet hij de zaken. Zeker als er ‘broodnodig’ een nieuw speeltje in het gedrang is. Eerst wordt er flink huiswerk gemaakt en worden de folders goed bekeken, maar daarna brengen ook wij uren door tussen bosmaaiers, zitmaaiers, takkentangen, motorzagen, heggenscharen en meer levensgevaarlijk spul, waar een tuinbedrijf blij mee zou zijn.

Een bevriende kweker heeft het met zijn personeel wel goed voor elkaar. Op een paar veldjes heeft hij ezels gezet die voor hem het gras en al het andere groen goed kort houden. Wanneer hij in de borders het onkruid wiedt volgen zijn Indische loopeenden hem in zijn kielzog om een slakje mee te pikken. Overal heeft hij bakjes staan gevuld met bier waarin een aantal slakken hun einde vonden. De ranke zwarte eenden laten zich de escargots met bier goed smaken waarna ze verzadigd, als waggelende flessen naar hun verblijven gaan, om te kibbelen met hun soortgenoten. 

Eigenlijk hebben wij ook niet echt te klagen. Zonder vergelijkingen te maken bedienen we ons van eigen personeel dat, soms nukkig als een ezel, toch het gras en ander groen goed kort houdt. We verwennen ze dan met een heerlijke maaltijd met zo nu en dan zelfs escargots en op zijn tijd een biertje. Zijn beide partijen weer helemaal gelukkig, voor onbepaalde tijd....

TUINIEREN OP DE DECIMETER

Met storm, hagel, onweer en regen namen we afscheid van deze winter. Maart roerde zijn staart en liet ons in één maand vier seizoenen beleven. Van de ene op de andere dag staat de kastanje in blad en bloeit de kerria. Kriebels. Niet voor de schoonmaak, maar zaaikriebels. Tijdelijk is mijn keuken getransformeerd tot kraamkamer voor plantjes. De vensterbanken leeg en de grote open kast ontruimd om plaats te maken voor mijn verzameling eierdozen, piepschuimen vleesschaaltjes en stapels plantenpotjes. Van lege yoghurtpotjes knipte ik tientallen plantenpinnen waarop de namen komen van het veelbelovende zaaigoed dat voor me ligt. 


Het zaad van de Iberis gaat meteen de volle grond in, net achter de nieuw aangeplante lavendel in de witte border.  De bovenste kastplank krijgt de zaadjes van de witte Cosmea en Cleome. De bak ernaast bezaai ik met Phlomis, helaas alleen de gele, want de witte was nergens te verkrijgen. Op de tweede plank komen bakjes met Nigella, Nicotiana en Amaranthus. Bestemd voor de border waar de Agapanthus al weer aan het opkomen is. In de bak daarnaast zaai ik Lathyrus, Calendula en Tropaeolum in perzikkleur, plus twee potjes voor de Valeriaan. Ziezo, keurig alles genoteerd en gezaaid. Later zal ik bedenken waar ik de plantjes uit deze bak ga uitzetten, want qua kleur past er voorlopig niks bij elkaar.

De gratis verkregen zaden vormen een apart hoofdstuk. Mijn keuken is letterlijk bezaaid. Op het dichtgevouwen keukenpapier en in de koffiefilters kom ik allerlei namen tegen: ‘Ridderspoor’, ‘blauwe bloemen Erik’, ‘duizendschoon’, ‘oranje bloemen Ria’, ‘wandeling geel’, ‘buro Anneke’, Jacobsladder’ en (beschimmelde) ‘pompoenpitten’. Overal liggen potjes, zand, boeken en schema’s. Vrijwel alles moet ik opzoeken. Gaat het om vaste plantjes of eenjarigen. Willen ze zon of schaduw. De kleur, hoogte en droogte.

Het voorzaaien is ieder jaar weer een heerlijke klus. Een uitdaging om er eens geen chaos van te maken. De kast echter raakt vol dus wijk ik uit naar de vensterbank en een grotere zaaibak. Ik mix Erik’s blauwe bloemenzaad met het oranje van Ria en zaai keurige rijtjes op de vochtige aarde van die bak. Ook de yoghurtpin krijgt als opschrift: oranje/blauw, Ria/Erik, enz. Glimlachend schuif ik een plastic pedaalemmerzak over de zaaibak, als ik bedenk dat deze twee mensen niet eens van elkaars bestaan afweten. Ik ben benieuwd wat dit voor bloemen worden en terwijl ik geen enkel idee heb waar ik deze plantjes straks zal uitzetten, maakt iedere zaailing die opkomt me erg blij.

BOSTUIN IN BELGIË


De zaterdag van de familiebarbecue begon met de opkomende felle zon boven de poort en hoog boven de mastbomen die Pol nog op zijn stukje grond had staan. Ik zat op het terrasje tegen de gevel van het chalet met zicht op de vogelsnacktent en op de hoge bomen. Behalve mijn ontbijt, dat ik op het tafeltje had neergezet, zette ik op de camera de grote lens, terwijl ik vast een slok koffie dronk, die anders koud stond te worden. De eekhoorn die ik verwachtte, kwam achter de wielen van mijn auto vandaan. Hij had die nacht vast in een van de kruinen geslapen. Langs de gladde stam had ik hem naar beneden zien roetsjen en even later sloop hij ons terrein over en wachtte even bij de auto om zich ervan te vergewissen dat de kust veilig genoeg voor hem was om het veldje over te steken naar de tuin, waar de snacktent zich bevindt. De eekhoorn wipte handig naar de eerste etage waar een groot bord stond met brood. Hij at met twee handjes het brood, en proefde van de overige lekkernijen die hij verder liet liggen. Geen friet dit keer. Hij bezocht de bovenste etage, net onder het schuine dakje en weer at hij netjes met twee handjes. Steeds stopte hij wanneer hij de zachte klikjes hoorde van mijn camera, waardoor het leek of hij voor de grote lens poseerde. Ik vond hem nog steeds mager. Even later nam hij een sprongetje naar het vogelhuisje dat los van de snacktent staat en ook daar snaaide hij wat voedsel, voordat hij over de dikke tak die Jos daar voor hem had neergezet, behendig naar beneden klauterde. Hij onderzocht de rest van de tuin, waar hij nieuwe elementen bespeurde en bekeek ze. De parasol die nu op het terrasje stond kende hij niet en ook zag hij niet eerder de lelijke plastic kabouter, die ooit wit moet zijn geweest en die op een stronk stond tegen het terrasje aan. Ik knipte vaak toen het leek of de eekhoorn op de stronk om die kabouter heen danste, voordat hij hoofdschuddend het hazenpad koos en zijn heil zocht in de nog altijd dichte struiken verderop in de tuin. Ik had wel veertig foto’s genomen en daar zou vast een leuke tussen zitten.

In de hoge struiken was flink geruis te horen. Even later vloog de gaai op, zijn prachtige kleuren aan mij tonend. In zijn kielzog een merel die vervaarlijk de gaai wegjoeg. Weg van zijn territorium waar hij ongetwijfeld zijn wijfje en misschien zijn jonkies moest beschermen tegen deze grote indringer. Weer was het me niet gelukt de gaai binnen mijn lens te vangen. Hij was snel en zocht meteen een schuilplek hoog in de bomen. Ik kreeg het warm, omdat de zon inmiddels op het terras scheen waar ik zat. Mijn camera legde ik alvast binnen en met een tweede kop koffie ging ik nog even terug naar het terras.

Even later was het rustige uurtje voorbij en werd de ochtend verder gevuld met de aankleding van het grote terras. We zetten de grote parasol uit waar wel tien mensen onder kunnen zitten. Op het nieuwe terrasje zette ik de kleine parasol nu helemaal open wat heel gezellig stond. De stoelen van binnen moesten naar buiten en de oude terrasstoelen moest ik nog grondig schoonmaken met een agressief middeltje. Overal moesten kussentjes, kleedjes en duizend andere dingen moesten geregeld worden, voordat om half twee iedereen zou komen, en laat in de middag de cateraar.
Mijn broer, met Denise en haar dochtertje zouden eerder komen. Onze kinderen met hun gezinnen ook, zodat ik uitrekende dat we al met twaalf mensen zouden lunchen, voordat een uur later de rest van de familie zou komen. Had ik alles wel in huis? Ik moest vast nog eens naar de bakker om extra brood te halen. Immers zou onze dochter en haar gezin blijven slapen van zaterdag op zondag. Nog een heleboel te regelen en maar hopen dat alles goed zou gaan. Het weer werkte in ieder geval uitstekend mee. 

Jammer dat dit alles voorbij is. Mijn broer overleden, het huisje verkocht.
Ik hoop dat het goed is blijven gaan met de eekhoorns.


 

Mijn Belgisch frietvriendje