donderdag 20 oktober 2022

MUIZEN MISSEN

Wat was dat nou, vannacht? Stipt om vier uur was ik wakker en het was stil, na wekenlang geknaag op dat tijdstip. Maar afijn, ik wakker, ik naar de wc. Alle lampen maar weer aangedaan, zodat ik je kan zien voordat we weer gaan slapen. Ik zag je niet en hoorde je niet. 


Hoorde je wel om half zes. Wat is dat nou? Ik vroeg je weliswaar om je dienstregeling een beetje menselijk af te stellen maar ik denk niet dat je mijnentwege je maaltijd anderhalf uur later hebt genomen.

Nu ging ik niet meer uit bed. Ik peinsde erover waarom je nou zo laat langs de klemmen liep en aan iets knaagde wat aan de onderkant van mijn hoofdeinde zit. In de ochtend bevoelde ik alle balken, maar kon ook geen beschadiging vinden.

Ik denk dat je er hooghartig en beleefd langsaf hebt gelopen en misschien heb je wel gegrinnikt om de fouten die ik maakte. Ik begon het te begrijpen.


Allereerst haalde ik alle klemmen op met de zwabber, want die grote hakken er zelfs mijn vingers van af als ik daar tussen kom. Dat had jij natuurlijk ook wel gezien. Ik maakte ze allemaal schoon en wat blijkt? De kaas zat nog goed vast, de wokkels heb je wel lekker opgepeuzeld, geen dank hoor. De hondenbrokjes die langs de klemmen lagen had je ook niet aangevreten. Dat snap ik nou wel. 


Ten eerste: Die klemmen zijn eigenlijk voor ratten. Jij, beledigd natuurlijk, want je bent geen rat. Jij leeft niet in rioleren en andere gore buurten. Jij bent een fatsoenlijke huismuis, waarvan acte. Ten tweede snap ik nu dat jij hondenbrokjes associeert met honden en daar moet jij niks van hebben, want die zijn ook duidelijk beneden jouw stand. Ik blijf me afvragen wat je eigenlijk op je thuisadres, dus onder mijn bed, eet, en waaraan je knaagt. Voorts ben ik je erkentelijk dat je tot nu toe geen poepjes hebt achtergelaten onder mijn bed. Zelfs toen ik vandaag de slaapkamer deed vond ik nergens ook maar een strontje. Je bent een echte heer, of dame. 


Ik veronderstel dat ik dit kleine meningsverschil met jou nog wel eens zou kunnen verliezen. Doch ik heb echter vertrouwen in nog iets anders wat ik vanaf nu uitprobeer. De kleine klemmetjes heb ik opnieuw neergezet aan weerskanten onder het hoofdeinde van mijn bed. In de scherpe punt prikte ik een noot. Een cajun noot. Zonder zout natuurlijk, want dat is niet goed voor je. 


Laten we hier nog maar eens wat nachtjes over slapen. Hou jij je klokje maar op zes uur voor het opstaan, dan slaap ik ook wat door. Dan beloof ik je dat je er volgende week van mij een extra uurtje bijkrijgt (). Dan is het bijna november en misschien wel tijd voor je om eens een nieuw leven te beginnen. Toch fijn te weten dat we wekenlang samen het bed hebben gedeeld. 


Wanneer je besluit toch van de kamikazeklem gebruik te maken, dan beloof ik je dat ik je eeuwig zal gedenken in mijn geschriften en netjes zal begraven in mijn tuin.